Waar het begon
Het waren de beelden die mij raakten. Op de Haagse antiekmarkt. Tussen stoffige dozen vol vergeten tijd. Zoeken. Wroeten in archieven van persfotografen. Naar die ene prent die beet. Uren keek ik. Naar gezichten die ik niet kende. Naar straten die er niet meer zijn. Een tijd die weg was. Geen plaatje. Een verhaal. Echt. Zonder woord. Die beelden werden mijn vuur.
Weg met ruis
Ik was een jaar of 18. Toen raakte het me al. Foto's in grijstinten. Korrelig. Stil. Zonder kleur werd het verhaal sterker. Directer. En nog steeds: deze foto illustreert de waarheid. Omdat sommige verhalen geen kleur verdragen. Toen niet. Nu niet. Hard waar het hard moet zijn. Zacht waar het stil valt. Geen ruis, geen afleiding. Krachtig. Alsof er niks tussen zit. Soms is dat genoeg.
Wat blijft als alles gaat
Techniek is het begin. Niet het eind. Een foto wordt pas iets als hij pijn doet. Of schuurt. Of raakt. Meer dan diafragma en sluitertijd. Ik jaag. Op die fractie van een seconde. De blik die breekt. De hand die trilt. Geen tijd voor mooi. Geen tijd voor nep. Een foto is verzet. Tegen vergeten. Tegen de tijd. In dat moment dat nooit meer komt. Kijken. Mikken. Schieten. Meer is er niet. Geen tweede kans. Geen overdoen. Dit moment. Of niks.
Waar het licht wacht
Zien is een kunst. Niet klikken. Ik sta hier al een uur. Of langer. Riet beweegt niet voor mij. De wind bepaalt. Het weer bepaalt. Ik niet. Ik wacht. Op dat ene moment. Dat licht breekt. Achter die wolken vandaan. Precies daar. Tussen die halmen door. Goud op water. Schaduw in het riet. Het contrast. Hard. Zacht. Alles ertussen. Geen mens nodig, geen verhaal. Alleen licht dat even blijft hangen. Voor het weer weg is, voor altijd.